1. Skip to Menu
  2. Skip to Content
  3. Skip to Footer>

 

Belgavet  Verselebannernew  Mega2016  
 ROPA2016nrw  Verselekijkernew  De Reiger Bannertje MSN DUIVENSPORT 2  
 

Beekman 2014Het schrijven van weekstukken vormt voor mij een soort wekelijks ritme. Iedere zondag blik ik terug op de week die achter mij ligt. Meestal doe ik dit tegen het eind van de  morgen of het begin van de middag.  

Meestal gewoon thuis maar ook wel eens op locatie. De laatste jaren gebeurt dit laatste wat vaker. Ook stond/staat er op de achtergrond meestal een sport uitzending aan. Vooral in de jaren dat de ik op zondagmorgen het grote onderhoud in de duivenhokken deed was schrijven onlosmakelijk verbonden met sport kijken. Het kijken naar sport tijdens het schrijven bracht mij vaak op ideeën.

Nu in Maleisië is de genoemde combinatie wat minder voor de hand liggend. Door het tijdsverschil spelen de interessante sportwedstrijden (die uit Europa) zich voor mij meestal ’s avonds af. Op een enkele uitzondering na zoals bijvoorbeeld de Formule 1 en nu toevallig het seizoen einde van het Amerikaanse honkbalseizoen.

Op dit moment type ik dus het weekstuk terwijl ik een schuin oog werp op deze zo puur Amerikaanse sport. Een sport waarvan ik relatief weinig weet. Wat ik wel weet is dat het een sport is waarin het specialiseren tot het oneindige is door gevoerd. Super atletisch hoef je er als speler ogenschijnlijk niet altijd voor gebouwd te zijn zolang je maar beschikt over specifieke kwaliteiten zoals werpen, slaan of fielden. Zelfs binnen deze kwaliteiten bestaan er weer gradaties. Bijvoorbeeld de beginnende werper moet zo lang mogelijk de slagploeg van de tegenpartij afhouden. Hierna wordt hij uiteindelijk vervangen door een of meerdere “closers”. Werpers die de wedstrijd tot een goed einde moeten brengen of de schade dienen te beperken.

http://www.beekman-tilmans.nl/wp-content/uploads/2018/10/naamloos-300x162.png 300w" sizes="(max-width: 400px) 100vw, 400px" width="400" height="216">

Als ik het bruggetje sla naar de duivensport dan zou je met een beetje fantasie een vergelijking kunnen maken. Binnen onze sport is het specialisme ook ver opgerukt en zelfs binnen de onderdelen zie je vaak dan andere liefhebbers of duiven domineren aan het begin of het eind van het seizoen. Het gebeurt hoogst zelden dat dezelfde liefhebber er op een onderdeel er van het begin tot het eind staat, en al zeker niet met de dezelfde duiven. Vooral als een onderdeel een beetje verspreid over het seizoen wordt vervlogen.

Het begint dus met een ploeg duiven op je hok dat geschikt is voor de afstanden die je er mee wilt spelen. Ondanks dat het een open deur is zie je nog veel mensen die geloven in echte allround duiven, terwijl binnen de absolute topsport beoefend door mensen het specifieke type bepaalt of er gewonnen of verloren wordt. Niet alleen in het honkbal, maar in vrijwel in alle andere sporten. Kijk maar naar het wielrennen met al zijn gradaties. Echter ook in de atletiek en het schaatsen zie je dit terug. Zelfs bij het voetbal zie je deze ontwikkeling zich steeds meer voordoen. De grote sterke kerels staan achterin, de middenvelders zijn echte kilometer vreters en de aanvallers zijn super beweeglijk en explosief.

Een andere analogie met de Amerikaanse honkbalsport is dat men spelers en dan vooral de werpers spaart. Doordat men vrijwel dagelijks wedstrijden speelt en er tussendoor ook gereisd moet worden kan een werper niet iedere dag gooien. Dit geldt vooral voor startende werpers. Zij gooien de meeste ballen dus hun lichaam, lees werp arm, wordt het meest belast. Extreem belast zelfs.

Bij duiven is het niet veel anders. Wekelijks korte vluchtjes is voor de meeste duiven geen probleem. Ieder soort duif kan dit. Alleen komt het ene soort duif wat sneller thuis dan de andere. Afhankelijk van het slagtempo. Vermoeid raken ze hier in de regel totaal niet van, hoogstens lijkt de scherpte/motivatie een beetje af te nemen. Ik schrijf dit echter met enige terughoudendheid omdat ik als Nederlander niet echt bekend ben met het spel van wekelijks 100 of 200 kilometer. En dat een seizoen lang. Bij mij gingen alle duiven na de Vitesse of naar de Midfond of (een relatief klein deel er van) naar de Dagfond. Op het laatste onderdeel van het seizoen de Natour zag ik dan dat de meeste goede, vaste, duiven niet meer hun allerhoogste niveau haalden. En enkele uitschieter met voor de rest gewone prijsjes. Wellicht blijven duiven die het hele seizoen dezelfde afstanden vliegen wel op een constant niveau of stijgt dit zelfs doordat ze de weg naar huis kunnen dromen.

Anders wordt het echter zodra er wekelijks grotere afstanden dienen te worden afgelegd. Het is de meeste duiven niet gegeven om met succes wekelijks grotere afstanden te vliegen. Wanneer mij even beperkt tot de gewone programmavluchten zie je dat wanneer de Midfond- en Dagfondvluchten elkaar om de week opvolgen binnen 3 tot 4 weken de meeste duiven door de mand vallen. De meeste duiven hebben dan in het totaal zo’n 10 vluchten achter de kiezen en zijn dan aan het eind van hun latijn. Of dit begint in zicht te raken. Ze komen nog wel gewoon thuis maar er kan niet meer op echt vroege duiven gerekend worden. Vooral bij duiven met een baas die van origine een echte Vitesse achtergrond heeft (d.w.z. krappe voerder).

Afstandsgeschiktheid van de duif en het voerregime van de baas zorgen er mijn ogen voor dat op dat moment van het seizoen altijd dezelfde hokken naar voren komen. Deze hokken beschikken in de regel over een soort dat uitermate geschikt is voor de middellange afstanden (Midfond en kortere Dagfond) en dat nog niet “uitgewoond” is.

Zelf beschikte ik ook over een dergelijk soort duiven. Op de Vitesse werd voorzichtig gespeeld. D.w.z. teveel qua voersamenstelling en hoeveelheid. Om de reserves voor wat nog moest komen niet aan te spreken. Een enkele Vitesse duif plus een schaarse echte allround duif moesten dan “de broek heel houden” qua punten.

Op de Midfond werd dan opgeschakeld, lees de uitslagen werden beter. Dit kwam m.i. behalve door de voersamenstelling en afstandsgeschiktheid van mijn duiven voor dit spelletje ook omdat mijn duiven op dat moment meestal nog wat fitter waren/bleven dan de gemiddelde duif.

Mijn beste vluchten kenden ik vaak na een slecht verlopende vlucht. Een paar jaar aan een stuk was de eerste of de tweede Midfondvlucht een moeizame vlucht. Vaak trof dit mij niet zo hard op de vlucht zelf terwijl ook de week daarop de duiven, duivinnen, er nauwelijks nog hinder van ondervonden en een goede uitslag maakten. Er was overigens een uitzondering op deze “regel”, Gien 2017. Hiervan herstelden vele duiven ondanks bovenstaande niet of nauwelijks.

Ook op de Dagfond bleek in mijn systeem het belang van fitte duiven. Lees periodiseren in het spelen van de duiven. Analoog aan het sparen van de werper in het honkbal. In mijn goede jaren speelde ik de eerste 4 Dagfondvluchten vrijwel altijd met een kleine ploeg. Ten opzichte van mijn totaal aantal duiven welteverstaan. Het waren er meestal tussen de 10 en 20 terwijl ik op dat moment nog wel 60 tot 80 duivinnen had om te spelen. Niet allemaal afstandsgeschikt natuurlijk maar toch zou ik er stukken meer gespeeld kunnen hebben. Ik kan mij nog altijd de verbaasde gezichten bij de voerboer voor de geest halen wanneer ik op vrijdagmiddag na de inkorving voor de eerste Dagfondvlucht antwoordde op de vraag hoeveel ik er gespeeld had. Dit waren op een enkeling na overigens ook vrijwel altijd meerjarige duiven.

De grote ploeg bleef dan op de Vitesse (behalve in 2017 toen er geen mogelijkheden waren) om de week daarop op de Midfond gespeeld te worden. Op een enkele duif na bleef dit zo tot na de vierde Dagfondvlucht. Vanaf dat moment ging ik “verse” duiven op de Dagfond spelen. Duiven die op de Midfond goed kwamen. Deze verse duiven hadden zo’n 1200 kilometer minder op de teller dan hun collega’s die de eerste 4 Dagfondvluchten gevlogen hadden.

Het was natuurlijk niet altijd hosanna maar veel van de vroege duiven die ik pakte op de vijfde en vooral de zesde dagfondvlucht waren dus deze “verse” duivinnen. Ook ontdekte ik door deze speelwijze vaak talenten voor de Dagfond. Het beste voorbeeld hiervan was Gini. Als jaarling speelde ik haar op de laatste Dagfondvlucht vanuit Chateaudun en behaalde ze een 2e NPO. Het jaar daarop durfde ik haar dan ook direct te spelen op de eerste Dagfondvlucht en de rest van het verhaal is geschiedenis.

Al bij al een lang verhaal waarin de rode lijn is specialiseren en periodiseren. Beide op eigen hok en niet alleen in de keuzes van de te spelen onderdelen. Iets waar wellicht bij de samenstelling van het definitieve vliegprogramma voor 2019 rekening mee gehouden kan worden.

Iets voor de secties dus. Helaas ben ik een beetje verstoken van informatie over de gang van zaken tijdens de bijeenkomsten die gisteren plaatsvonden. Een livestream was leuk geweest. Niet alleen voor mij maar ook voor de andere (sectie)leden die de gang naar Papendal niet konden of wilden maken. Een gemiste kans als je het mij vraagt want als ik het goed begrepen heb zijn de secties er juist voor de gewone liefhebbers. Hopelijk volgen er snel goede en duidelijke verslagen.

Een goed en duidelijk verslag zou ik ook graag lezen van de HABRU duivendag. Vaak schreef ik het zelf maar ook Patrick Noorman deed dit weleens. Hopelijk neemt nu iemand anders de pen ter hand.

Dit laatste d.w.z. de pen ter hand nemen mag het bestuur van de afdeling Noord Holland ook wel eens doen. Als ik een blik op de site werp is de laatste informatie die onder het kopje “nieuws” geplaatst is al weer weken oud. Met de najaarsvergadering op komst kan ik mij niet voorstellen dat er niets te melden is. Wellicht is het een idee om de voorlopige agenda inclusief voorstellen gewoon eens op de site te zetten, maar misschien ben ik te veeleisend?

OP EIGEN HO(N)K

Is het wel een bijzondere tijd. Mijn oudste dame moest vorige week zaterdag onverwacht naar Nederland afreizen. De gezondheid van haar moeder liet zwaar te wensen over om het mild te verwoorden. Een spoedoperatie met enig risico moest uitkomst brengen. Gelukkig is deze operatie goed verlopen. Door de afwezigheid van mijn vrouw hadden we deze week dus een vader dochter huishouden. Iets dat nog niet vaak was voorgekomen.

Een week die bovendien bijzonder begon omdat ik voor het werk van zondag op maandag op het mooie eiland Penang moest verblijven. Niet alleen het verblijf daar en de vliegreis er naar toe waren bijzonder, ook het feit dat hierdoor de kleine dame een nachtje diende te logeren bij “mijn baas” en zijn familie was bepaald niet alledaags. Gelukkig wonen zij in dezelfde straat. Ook kende dochterlief deze mensen al behoorlijk van diverse etentjes die we min of meer bij toeval recentelijk hadden.

Een en ander is dus prima verlopen maar u begrijp wellicht waarom u vorige week voor het eerst sinds vele jaren verstoken bleef van een weekstuk.

Tot volgende week,

Groet,

Michel

Sponsors

Nuttige Links

Liefhebbers

 

 

 

 

 

Copyright © 2018 Msn Duivensport.